Semper Phone

Effortless
LEARNING

  • Improve effortlessly – just by living your life
  • Learn while waiting for your apps to load
  • Recommended by 5 universities
  • Community of over 1,000,000 learners
  • 50,000+ expert-made packs, or create your own
"One of the best learning apps" - CNET
  • Apple Play Store
  • Install Semper from the Play Store
ONDE Woordenlijst hoofdstuk 2.5

ONDE Woordenlijst hoofdstuk 2.5

Last update 

vok

Items (50)

  • genannt, erwähnt

    vermeld

  • genügen, erfüllen, begleichen

    voldoen aan, voldeed, voldaan

  • Bedingung

    de voorwaarde, de voorwaardes

  • fehlen

    ver te zoeken zijn

  • Veränderung

    de verandering, de veranderingen

  • langsam

    traag

  • ausgestattet sein mit

    voorzien zijn van

  • Ausrüstung, Einrichtung

    de voorziening, de voorzieningen

  • Immobilien

    het vastgoed (geen meervoud)

  • Verspätung

    de vertraging, de vertragingen

  • dringend, dringlich

    urgent

  • zugänglich, erreichbar

    toegankelijk

  • stufenlos

    traploos

  • verschwinden

    verdwijnen, verdween, (zijn) verdwenen

  • zweifel an

    twijfelen aan, twijfelde, getwijfeld

  • Wohnungsbaupolitik

    het volkshuisvestingsbeleid (geen meervoud)

  • Gestalt, Erscheinung

    de verschijning, de verschijningen

  • umbauen, ausbauen

    verbouwen, verbouwde, verbouwd

  • (sich) verdoppeln

    verdubbelen, verdubbelde, verdubbeld

  • senken, ermäßigen, herabsetzen

    verlagen, verlaagde, verlaagd

  • Ausarbeitung, Verwertung, Bearbeitung

    de verwerking, de verwerkingen

  • sich etwas widersetzen

    verzetten (zich - ) tegen, verzette, verzet

  • verweigern, ablehnen

    weigeren, weigerde, geweigerd

  • verarmen, verlottern

    verpauperen, verpauperde, (zijn) verpauperd

  • Waschbecken / Waschbecken, Waschtisch

    de wasbak, de wasbakken/ de wastafel, de wastafels

  • verschaffen, geben, liefern

    verstrekken, verstrekte, verstrekt

  • feucht

    vochtig

  • überquellen

    uitpuilen, puilde uit, uitgepuild

  • Arbeitsplätze

    de werkgelegenheid (geen meervoud)

  • Boden

    de vloer, de vloeren

  • Vermieter

    de verhuurder, de verhuurders

  • anwendbar sein

    toepassing (van - zijn)

  • wohlüberlegt

    weloverwogen

  • aus den Fugen geraten

    voegen (uit de - barsten), barsten, (zijn) gebarsten

  • entschuldigen

    verontschuldigen, verontschuligde, verontschuligd

  • Moor, Moorboden

    het veen, de venen

  • Anwendung, Handhabung

    de toepassing, de toepassingen

  • Vorzug

    de voorkeur, de voorkeuren

  • Spülmaschine, Geschirrspüler

    de vaatwasser, de vaatwassers

  • jemanden in etwas einführen

    wegwijs (iemand - maken in iets)

  • erneuern, wechseln, aktualisieren

    verversen, ververste, ververst

  • vorerst

    vooralsnog

  • Naht, Fuge

    de voeg, de voegen

  • verarbeiten, bewältigen

    verwerken, verwerkte, verwerkt

  • nicht genügend

    wensen (te - overlaten)

  • Wasserstand

    het waterpeil, de waterpeilen

  • Missstand

    de wantoestand, de wantoestanden

  • Äußere(s), Äußerlichkeiten

    het uiterlijk (geen meervoud)

  • Quadratmeter

    vierkante meter

  • Weltkrieg

    de wereldoorlog, de wereldoorlogen