Semper Phone

Effortless
LEARNING

  • Improve effortlessly – just by living your life
  • Learn while waiting for your apps to load
  • Recommended by 5 universities
  • Community of over 1,000,000 learners
  • 50,000+ expert-made packs, or create your own
"One of the best learning apps" - CNET
  • Apple Play Store
  • Install Semper from the Play Store
ONDE Woordenlijst hoofdstuk 4.2 Goed fout !

ONDE Woordenlijst hoofdstuk 4.2 Goed fout !

Last update 

vok

Items (50)

  • darstellen, skizzieren

    schetsen, schetste, geschetest

  • Krimiloge

    de crimiloog, de crimilogen

  • Personenbeschreibung, Steckbrief

    het signalement, de signalementen

  • Blödsinn

    de flauwekul (geen meervoud)

  • kämpfen

    kampen, kampte, gekampt

  • Marienkäfer

    het lieveheersbeestje, de lieveheersbeestjes

  • Straßenraub

    de straatroof, de straatroven

  • Kriminalität

    de criminaliteit

  • verhaften

    aanhouden, hield aan , aangehouden

  • dumm, doof, blöd

    stom

  • behalten, sich merken

    onthouden, onthield, onthouden

  • Stiftung

    de stichting, de stichtingen

  • betrügen

    frauderen, fraudeerde, gefraudeerd

  • Blickkontakt herstellen

    oogcontact maken

  • im Stich lassen

    steek (in de - laten)

  • überwältigen

    overmeesteren, overmeesterde, overmeesterd

  • sinken, abnehmen

    dalen, daalde, (zijn) gedaald

  • in Not sein

    nood (in - zitten)

  • als Geisel nehmen

    gijzelen, gijzelde, gegijzeld

  • Eile

    de spoed

  • Liebhaber, Geliebte(r)

    de minnaar, de minaars/de minnaren

  • mit...zu tuh haben

    aanraking (in - komen met)

  • Angreifer, Verfolger, Täter

    de belager, de belagers

  • Beute

    de buit (geen meervoud)

  • Hinweis, Indikation

    de indicatie, de indicaties

  • darlegen, erörtern

    uiteenzetten, zette uiteen, uiteengezet

  • Gebäude, Haus

    het pand, de panden

  • Haftstrafe, Gefängnisstrafe, Gewahrsam

    de hechtenis (geen meervoud)

  • Schurke

    de boef, de boeven

  • so

    aldus

  • Einheimischer

    de autochtoon, de autochtonen

  • Immigrant

    de allochtoon, de allochtonen

  • erst

    pas

  • Plakat

    het affiche, de affiches

  • Umfang, Größe

    de omvang (geen meervoud)

  • herantreten an, sich nähern

    benaderen, benaderde, benaderd

  • aufhalten, anhalten, stoppen

    tegenhouden, hield tegen, tegengehouden

  • unter der Bedingung dass

    mits

  • Schlägerei

    de vechtpartij, de vechtpartijen

  • sichtlich, offenbar

    kennelijk

  • auf Vordermann bringen, trimmen

    klaarstomen, stoomde klaar, klaargestoomd

  • Hilfe suchen

    de steun zoeken

  • im großen Umfang

    schaal (op grote -)

  • Mord

    de moord, de moorden

  • Opfer, Verunfallte(r)

    het slachtoffer, de slachtoffers

  • Heirat, Hochzeit

    het huwelijk, de huwelijken

  • berühren, treffen

    raken, raakte, geraakt

  • getrennt, seperat

    afzonderlijk

  • Verbrechen

    het delict, de delicte

  • (be)klauen, (be)stehlen

    rollen, rolde, gerold